We zijn op de Scheren! Ik heb geen idee waarom, maar zo noemen ze een rotskust met veel rotseilanden ervoor. Dat begint net onder Gotenburg en gaat eigenlijk helemaal door tot noord-Noorwegen. Wel met grote verschillen. De Zweedse Westkust, waar we nu zijn, ligt op het Westen (Duh…). Dat betekent dat de eilanden veelal glad en weinig begroeid zijn (geschoren?) door invloed van westerstormen op zee. Aan de Noorse oostkust is dat heel anders…maar dat moeten we nog gaan meemaken.
Lees verder “Shaven, not furred”Sometimes it snows in April
Lopen Belinda en ik nietsvermoedend zondagavond door Kopenhagen. Horen we aan de overkant ineens “hey André”. Drie oud collega’s van Avanade blijken voor een conferentie in de stad te zijn. We lopen bij de Nyhavn waar Mr.Bean2 geparkeerd ligt, dus ff aan boord voor een biertje. Erg leuk om met Erik, Ralph en Gabriel weer even bij te praten!

De Nyhavn is ondanks zijn naam de oudste haven van Kopenhagen. Erg leuk, veel oude pakhuizen, kroegjes en terrassen. De Denen en de toeristen die hier in grote getallen rondlopen hebben zich voorgenomen dat het mooi weer is en zitten gewoon buiten op de terrassen…bij iets dat aanvoelt als onder nul…en dat af en toe bevestigt wordt door een sneeuw of hagelbui…kortom: het is retekoud.
Ik heb jullie vorige keer in het zonnetje verlaten bij de ingang van het Kieler kanaal. Dat is altijd indrukwekkend door de ongepast grote zeeschepen die zich hier doorheen wurmen…maar ook wel een beetje saai. 54 Zeemijl (zo’n ding is bijna 2km lang) kanaal bij 8 knopen (dat is Zeemijl/uur) duurt ff. Een mooie gelegenheid de hulpmotor te testen. Hoofdmotor uit en starten maar. Ging allemaal prima. We hebben vastgesteld dat we maximaal ca. 5,5 knoop halen op het Yanmarretje…op kalm kanaalwater.

Eindelijk komen dan de sluizen van Holtenau (bron van veel melige woordgrappen) in beeld. We hebben dubbel mazzel. We kunnen direct invaren in de grote sluis want de jachtsluizen hebben groot onderhoud en er is “iets” kapot waardoor ze geen kanaalgeld kunnen innen. Mooi!

Als je de sluis uitkomt ben je in de Kieler fjord. Een mooi gebied dat in het zonnetje direct een vakantiegevoel oproept. Bakboord uit naar Laboe…een wat mondaine badplaats aan de uitgang van de fjord. Het eerste dat opvalt zijn de idiote hoeveelheid strandkorven op het strand. Op zijn Heimaats zijn daar natuurlijk enorme nummers op geschilderd…je moet er natuurlijk niet aan denken dat je je eigen korfje niet kan identifizieren.

Het is een rijke plaats met een enorme marina en gelukkig ook een stadshaventje. Dat laatste heeft altijd onze voorkeur. We liggen naast een beroemde Search And Rescue (SAR) boot. Volgens Ricardo is die van de Thunderbirds…er komt namelijk een klein SAR-bootjes uit de achterkant…ziet er schattig uit. Aan de andere kant liggen we naast de lokale worstkeet. Die moest natuurlijk direct gefrequenteerd worden fur eine bockworst mit senf…und ein grosse Bier!
De andere claim-to-fame van Laboe is het internationale Marine monument voor de gevallenen op zee. Het is internationaal…maar ademt toch een stevig fout sfeertje…zeker als je op de vlaggen afdeling komt. Erg cool is de U-boot die op het strand is geparkeerd.
Van Laboe willen we in 1 keer de oversteek naar Klintholm in Denemarken maken…dat is zo’n 100 mijl…dus zo’n 12 uur varen. Het mooie aan de Oostzee is dat er amper eb en vloed is. Je hoeft dus weinig te plannen. Gewoon om 5 uur opstaan…ik hoorde nog iemand sputteren dat hij vakantie had…en halfzes vertrekken.
Onderweg alle weertypen meegemaakt. Van op dek in de zon liggen tot een sterk “Deadliest catch” gevoel met sneeuwbuien. Erg leuk is op de radar de buien te zien aankomen en gelukkig ook weer vetrekken.
Klintholm is een echt vakantiegat. Zomers ongetwijfeld erg leuk, maar nu een wat triest center parcs achtig kampement met jachthaven. Ook hier weer Denen die gewoon doen of het hoog zomer is in korte broek en slippers. Wel erg lekker visjes zitten eten in de lokale uitspanning.

Klintholm betekent “eiland van de klif” en dat is niiks teveel gezegd. Zo onenerverend als het dorp is, zo indrukwekkend is het gezicht als we onze boeg de volgende ochtend om de hoek richting Kopenhagen steken. Natuurlijk hebben we in Zuid-Engeland veel hogere krijtrotsen gezien, maar deze zijn van een bijzondere vorm en schoonheid…en vrij bizar in een verder redelijk vlak landschap.
Inmiddels heeft Ricardo wat zitten zoeken in vluchtmogelijkheden terug naar huis. Zijn 2 weken zitten er bijna op. Plan was om terug te vliegen vanaf Gothenburg…maar dat blijkt ingewikkelder en veel duurder dan verwacht. Uiteindelijk heeft hij besloten dan maar vanaf Kopenhagen te vliegen.

We gaan een paar dagen in Kopenhagen blijven. Als wij dan op woensdag weer vertrekken vliegt Ricardo naar huis. Het was erg goed en gezellig hem bij de eerste 1,5 weken te hebben!
Inmiddels zijn we onderweg naar Helsingor. Voor de meer geografisch geïnteresseerden zal ik voortaan een plaatje van de zeekaart onderaan bijvoegen. De paarse lijn op de kaart is onze afgelegde route.
Tot slot de titel van deze episode: de grootmeester is overleden. De Prince is dood, lang leve Prince! Zijn dood was net zo verrassend als zijn muziek. De grootste uit “mijn tijd” is dood…bijna hetzelfde gevoel als 1 mei 1994. Ongeloof, verdriet maar vooral ook blijdschap dat je in “zijn tijd” hebt geleefd. Ik denk dat iedereen maar enkele echte helden heeft. Dit was er 1 van mij…and it snows in April…en ik dacht echt een paarse gloed in de regen te zien afgelopen week…
Cheers, Andre

Vertrek, plan en mee-eters
TATATATATAAAA! Ja, over precies een week steken we van wal. Losgooien, rechts, links, rechts en dan zijn we op de staande mast route richting Lauwersoog. Dat is geen route voor de wat zwaarder geschapen man, maar voor zeilers die een excuus zoeken om niet te hoeven zeilen…en jullie weten inmiddels dat dat er veel zijn.
De geplande route is nog steeds hetzelfde als in 1 van de eerste episodes toegelicht. Dus na Lauwersoog rechtsaf richting Helgoland, belastingvrij zo’n 3 ton diesel bunkeren (zo heet tanken onder stoere schippers), dan waarschijnlijk List op Sylt aandoen op weg naar Thyboron – de ingang van de Deense Limfjord.
Dit hele stuk door de Duitse bocht en langs de westkust van Denemarken is een berucht stuk zee en daardoor erg weersafhankelijk. De oplettende Mr.Bean2 lezer weet dat we hier ons slechtste moment ooit hebben meegemaakt, aangekondigd door de havenmeester die ons voor Furuckt uitmaakte. Dus vanaf vandaag gaan we de lange termijn weerberichten een beetje volgen en het plan eventueel daaraan aanpassen. Vanaf de Limfjord wordt het veel meer easy going en varen we tot aan de Zuidpunt van Noorwegen in relatief beschutte wateren.
De eerste 2 weken gaat onze zoon Ricardo mee. Die stapt in Denemarken of Zweden dan op een trein of vliegtuig terug naar huis. Hij kijkt juist uit naar wat ruiger weer op open zee. Het mooie van een trawler als Mr.Bean2 is dat je voorop staat te sturen. Je zit dus eerste rang bij het in de golven duiken en de klappen water die dan overkomen. Mooi werk!

Na Ricardo hebben zich nog een hele batterij mee-eters en vooral drinkers aangekondigd die in- en uit willen vliegen/rijden tijdens de trip. Zo gaat mijn broer een tegengesteld rondje Scandinavië maken met zijn vriendin en Joke. Ja, hij heeft een bijzondere driehoeksrelatie…Joke is de naam van zijn Toyota Landcruiser. Die gaan we dus ergens langs de Noorse westkust tegenkomen.
De beste vriendin van onze dochter Laura blijkt Noorwegen het hoogtepunt van deze aardkloot te vinden. Die gaan dus samen invliegen als we in fjordengebied zijn aangekomen…ik hoop dat de fjorden bestand zijn tegen dit geweld. Wel erg gezellig!
Een oude vriend en zeiler uit onze Jachthaven Atlantica gaat langskomen als we de Lofoten hebben bereikt. Hij heeft dit plekje al zeker gesteld door 2 weken geleden een enorme hoeveelheid papieren kaarten en pilot-boeken langs te brengen. Fantastisch! Papieren kaarten zijn niet echt meer nodig met de digitale zeekaarten, maar je moet altijd voorbereid zijn op het uitvallen van de apparatuur en terug kunnen vallen op papier.
Dan hebben we nog groot kaliber komisch duo Tom&Bettus, de vrienden van de schietclub. Die gaan we zeker ergens tegenkomen…ik hoop niet te vroeg want we willen nog een tijdje doen met onze drankvoorraad. Wel cool om op verlaten ankerplekjes wat target practice te doen…de voorgestelde kleiduiven-afschiet-automaat op de flybridge is helaas niet door de ballotage bij Belinda gekomen.
En wat te denken van het geplande bezoek van grote vriend en beroemd haptonoom met zijn vriendin. Tegen die tijd zouden Belinda en ik wel eens veel behoefte kunnen hebben aan wat haptonomische ondersteuning in onze relatie.
Een ander hoogtepunt wordt een reünie van mijn oude International Business school clubje. We passeren het zomerhuis van 1 van hen in Zuidoost Noorwegen wat het idee startte om daar maar gelijk een gezellig samenzijn rond te organiseren. Een ander woont in Zweden en er vliegt er nog 1 in vanuit Wales. Erg leuk!
En dit zijn alleen nog maar de mensen waarvan ik met redelijke zekerheid verwacht dat ze ook echt gaan komen…daarnaast nog veel mensen die “misschien ook wel langs gaan komen” …en wij maar denken dat we lekker rustig Scandinavië kunnen doen.
Vanaf volgende week gaan de publicaties op dit blog wat meer onze reis volgen. De vaste zaterdag wordt dus vervangen door willekeurige momenten waarop hoogtepunten dan wel internet connectie aanwezig zijn.
Cheers, Andre

Neptuna
Nee, we gaan het niet hebben over vegetarische Tonijn. Vorige week gevraagd welk onderwerp jullie belachelijk gemaakt willen zien in dit feuilleton. Ik heb daar 3 wat serieuzere suggesties op ontvangen:
- Vrouwen op boten
- Waterskien
- Het plan voor de grote reis en wie komt er zoal langs op zo’n lange trip
Na een verkiezing in huiselijke kring gekozen voor de eerste. De derde bewaren we voor volgende week. Dat wordt de laatste episode voordat we van wal steken. Lijkt me dus toepasselijk. Over waterskiën kunnen we het tussendoor uitgebreid hebben…met een beetje mazzel gaan we gedurende de reis hier en daar zeker nog wel een keer de Scandinavische wateren onveilig maken op de latten achter Teddy2MrBean2 – de Tender (=bijboot) van Mr.Bean2.
Sjors en…

Dat brengt me op de eerste waterski-anekdote-tussendoor. We lagen in 2004 in een baai onder Kopenhagen met schitterend weer langszij een Nederlandse broeikaskruiser die van een Deen bleek te zijn: Jimmy. Jimmy was een overblijfsel uit de Vikingtijd. Ik verdacht hem ervan nog bij de plundering van Wijk bij Duurstede betrokken te zijn geweest…daar had hij ongetwijfeld deze onooglijke Nederlandse boot aan overgehouden. Hij had net geen bronzen helm met horens op, maar de rest klopte helemaal. 2 meter hoog, bijna net zo breed, rozig, grote baard rond nog grotere bek…en we hebben de hele avond een onverantwoordelijke hoeveelheid bier gedronken. Toen ik in een onbewaakt moment meldde dat we de volgende ochtend vroeg – als het water nog maagdelijk glad is – in de baai gingen waterskiën achter de Warpjet, was Jimmy niet meer te houden. Dat had hij altijd al een keer willen leren!
En zo geschiedde. Jimmy was duidelijk getraind in het verzetten van veel bier en had ’s morgens vroeg minder last van een kater dan ondergetekende…maar ’s avonds een Viking, ’s morgens een Viking! Jimmy ging met zijn ca. 130 kilo in het water liggen gewapend met de gebruikelijke instructies: touwtje tussen de skies, knien gebogen, gestrekte armen, punten boven water…en wachten tot je eruit bent voordat je gaat staan.
Wat er daarna gebeurde was alles behalve gebruikelijk. Jimmy had blijkbaar geen last van de normale natuurkundige wetten waar wij stervelingen aan onderhevig zijn. De 70pk van de Warpjet begon volgas te trekken. In beginsel maakte dat weinig indruk op onze Noorman. Toen “het” in beweging kwam viel hij voorover…ging weer staan op 1 been…toen het andere been…toen op zijn kont…en dat alles terwijl hij gewoon vasthield en ongetwijfeld nog meer zeewater dronk dan bier de voorgaande avond. Een expert-skier die het had willen nadoen, was het niet gelukt. Nog een keer proberen. Jimmy in het water…instructies…Warpjet volgas…en de skistok breekt! Dat is een metalen pijp met kunstof erom…ongelofelijk. Daarna de pogingen maar gestaakt voordat onze Noorman de Warpjet uit elkaar zou trekken. Biertje!
Toen was het stil…
Mijn uitdaging bij het schrijven van deze stukjes is dat er tijdens het schrijven nog 20 gerelateerde anekdotes opborrelen. Op diezelfde reis, de laatste waar onze dochter Laura nog meeging, lagen we op een schitterende avond in de haven van Middelfart aan de kleine belt. Ik ging met Ricardo en Laura met de Warpjet de baai in om te skiën. Helaas hadden we toen nog geen camera’s in onze telefoon want het werd 1 van de mooiere watersport momenten. Bladstil water, ondergaande zon, Laura ligt in het water om te starten. Op dat moment zien we een paartje bruinvissen (type dolfijn) rond onze boot en Laura gaan zwemmen…even de motor uitgezet…zelfs Laura werd er stil van.
…en hoe zit het nu met Neptuna?
Ja, je merkt al dat ik enige angst heb het onderwerp daadwerkelijk aan te snijden. Laten we maar beginnen met de brandende vraag voor de jongeman: is een coole boot een babe-magnet? Ben bang dat daarvoor hetzelfde geldt als een coole sportwagen: Nee. …of het is te lang geleden om het me te herinneren…of het lag aan mij (dat laatste is een zeer plausibele verklaring). Als man – en ik ben er inmiddels achter dat dat niet over gaat als je ouder wordt – heb je zo’n videoclip-achtig droombeeld van het zonnedek vol met fraaie dames in schaarse kledij. Tip: neem een boot met een heel klein dekje dan lukt het misschien.
De Warp11 heeft bijvoorbeeld een enorm zonnedek voorop, consequent “het slettendek” genoemd. De enige keer dat ik ook maar enigszins in de buurt kwam van bovenstaand beeld was een feestje van Laura waarbij ze een hele groep van de Hogere Hotelschool had uitgenodigd…ik kon niet voorkomen dat er ook heren werden uitgenodigd.
Maar hoe zit het dan met vrouwen als actieve watersporter? De verschillen zijn net zo groot als bij mannen. Ik ken vrouwen die niets liever doen dan zeereizen plannen, waypoints uitzetten, sturen, zoveel mogelijk mijlen afleggen, etc. Ik ken er nog veel meer die varen leuk vinden als dat inhoud: met een cocktail in de zon op dek zitten…zonder golven, anders ga je morsen…en vooral niet de koers verleggen anders lig ik niet meer in de zon…etc.
In onze vriendenkring zijn het wel veelal de mannen die de initiator zijn van het aanschaffen van een boot of het nu zeil of motor is. Onderweg kom je veel zeilboten tegen met een groepje mannen erop of zelfs man alleen. Zeilen lijkt niet zo’n vrouwending. Zeker niet als ik het afmeet aan de mening die Belinda: saai, veel gedoe, je gaat nooit heen waar je wilt, boot ligt altijd scheef en een hoop troep aan dek.
Ik zou een boek kunnen vullen met de scheldpartijen die we hebben meegemaakt tussen echtgenoten bij aanmeren en wegvaren…vooral in sluizen. Typische rolverdeling is man aan het roer en vrouw voorop met touw. Afhankelijk van de algemene staat van het betreffende huwelijk heeft het een grote duw of slechts een klein zetje nodig om te ontploffen. Een van de mooiere anekdotes was in 2005.

Wij liggen in de sluis van Stellendam. Het plan is om die dag rechtstreeks van Stellendam naar Dover te varen met de Warp11. Het is mooi weer en vrij druk in de sluis. Er komt een klein kajuitzeilbootje binnenvaren met man aan het roer en vrouw voorop. De man heeft duidelijk geen enkele kloe wat hij gaat doen. Hij besluit uiteindelijk dat hij aan onze bijboot wil gaan vastmaken. We hebben het over de Warpjet rubberboot die overdwars achterop Warp11 op het zwemplatform staat…niet iets om een boot aan vast te maken. Ricardo die achterop staat en de man ziet aankomen vraagt hem droog “wat komt u doen?”. Als hij ziet dat de man pogingen doet de rubberboot te pakken vertelt hij hem dat dat niet gaat gebeuren…hij zegt het niet maar je hoort tussen de regels “bent u helemaal achterlijk geworden”.
Uiteindelijk helpen we ze om naast de Warp af te meren. De vrouw vraagt nog belangstellend aan Belinda – Neptuna onder elkaar – “waar gaan jullie heen?”. Belinda geeft aan dat we naar Dover gaan. De vrouw zegt veelbetekenend “ik hoop dat wij de Roompot halen”. We liggen vooraan in de sluis. Als de deur open gaat wil de man wegvaren…maar dat gaat helemaal fout…uiteindelijk loopt de tirade tussen de echtelieden dusdanig uit de hand dat zij een pikhaak naar zijn hoofd smijt. Deze is van het uitschuif type en spontaan valt het ding in 2en overboord. Na dit hoogtepuntje liggen ze inmiddels achterstevoren in de sluis. Gezien de aandrang van de andere sluisbewoners neemt de man de beslissing om dan maar achteruit varend de sluis te verlaten…de eerste en enige keer dat ik dat gezien heb.
Volgende week gaan we terug naar het huidige plan voor de reis en wie er dan zoal langskomen.
Cheers, Andre
De ontmaagding
Ik wist wel dat ik gelijk jullie aandacht zou hebben met deze titel.
Dit keer de ervaringen met het doorprikken van het vlies van een nieuwe boot. Proefvaarten, keuringen en natuurlijk de Maiden-trip. Belangrijkste les die ik geleerd heb: neem altijd iemand met kennis van zaken mee bij een proefvaart/keuring. Het probleem (of is het alleen mijn probleem?) is namelijk dat als je gaat proefvaren je de boot al aan jezelf verkocht hebt. Als ze niet zinkt of spontaan ontbrandt tijdens de proefvaart ben je verkocht. Een deskundige derde kan je een beetje op de grond proberen te houden.
Saab cabrio
Er zijn ook uiterst vreemde lui die het gewoon leuk vinden om proef te varen. Meest bizarre voorbeeld daarvan was in 2002 toen we de Pegasus gingen verkopen en de Warp11 aanschaften. Er meldde zich een kandidaat koper voor de Pegasus. Afspraak gemaakt in de Jachthaven. Het was mooi weer…precies de omstandigheden die je wilt als verkoper van een boot.
Er komt een keurige vent aanrijden in een Saab Cabrio…wel een echt Saab Cabrio type…blauwe blazer, roze overhemd, choker, coupe Vivaldi…Zag hem eerder op een zeilboot met z’n amice dan op een brute powerboat, maar als koper op het eerste gezicht weinig mis mee.

Beetje babbelen, beetje kijken. Hij had er duidelijk verstand van. Toen varen. Het ging allemaal prima en hij leek heel enthousiast. Kaartje gekregen. Hij zou erover nadenken en terugbellen…nooit meer wat gehoord…naam en telefoonnummer op kaartje bleken ook niet te bestaan. Later sprak ik Lengers (boot dealer) die de persoon kende en mij vertelde dat hij dit veel vaker deed. Los van aardig moeten doen tegen een Saab cabrio rijder en wat tijd had ik er geen nadeel van gehad…en hij geen voordeel…heel bijzonder!
Waspoeder
In diezelfde zomer kochten we de Warp11. Ik was zo verliefd op die boot dat de proefvaart/keuring niet zoveel voorstelde. De Maiden-trip was van Beverwijk naar Stad a/h Haringvliet. Dat betekent bij Ijmuiden naar buiten voor de kust langs en dan bij Stellendam weer naar binnen. Het werd een bijzonder tripje.
Allereerst begon na 10 minuten varen al het “generator” lampje te branden. Lang verhaal kort bleek op de moeilijkst bereikbare Caterpillar (de stuurboord motor), aan de nog moeilijker bereikbare zijde de Dynamo gewoon los te hangen. Hier had duidelijk iemand geen zin gehad helemaal achter het blok te kruipen om de nieuwe dynamo even goed vast te zetten. Gelukkig was hij niet helemaal losgekomen…dan had een reparatie onderweg er niet meer ingezeten.
De vorige eigenaar van de boot was een Duitse familie geweest en achterop de boot stond nog steeds die verschrikkelijke naam – We are family – en ook de woonplaats van de eigenaar: Hamburg. De combinatie van foute boot, Hamburg en stevige snelheid trok de aandacht van de Kustwacht. Toen we ter hoogte van Scheveningen een groot schip van de Kustwacht passeerden zagen we dat ze een rubberboot overboord aan het zetten waren met 4 man erin.
Ik had me nog helemaal niet verdiept in de marifoon en heel veel zaken waren nog niet geregeld. Ik maakte me dus wat zorgen toen ik die rubberboot achter ons aan zag komen. Gelukkig ging Belinda niet in op mijn flauwe opmerking om nog even een pak waspoeder overboord leeg te schudden.
Ze deden dit duidelijk vaker want ondanks een stevig zeetje (ZW5) stapten ze vrij makkelijk vanuit de rubberboot op het zwemplatform van de Warp11. Na wat zoeken in de boot en het aanhoren van ons verhaal waren ze tevreden. Het was wel bijzonder dat ze wisten dat deze boot in Beverwijk had gelegen… Uiteindelijk kwam het allemaal goed en kwamen we netjes aan in Stad a/h Haringvliet.
Nootjes
Toe we ruim een jaar geleden Mr.Bean2 kochten hadden we het over een heel ander budget dan onze voorgaande boten. Genoeg reden om proefvaart en keuring heel serieus aan te pakken. Het bijzondere aan dit schip was echter dat hij heel lang amper gebruikt was. De “normale” slijtage zaken waren allemaal nog zo goed als nieuw. Echter van stil liggen gaan weer hele andere zaken mankementen vertonen. Deze boot had dan wel 5 jaar binnen gelegen op zoet water, het was ook duidelijk dat ze weinig liefde had gehad. Toen we er voor het eerst op gingen kijken, zag je dat de eigenaren er zo vanaf gestapt waren. De pinda’s stonden nog open in een blikje op tafel, veel stof, in de magnetron stond nog iets onherkenbaars dat inmiddels weer tot leven was gekomen…etc…

Het was dus niet verrassend dat de proefvaart voorspoedig verliep…technisch was het praktisch nog een nieuwe boot waar net de kinderziektes uit waren. We moesten dus vooral letten op zaken die door stilstand niet goed meer waren. Zo bleek de verflaag onderwater behoorlijk vochtig door 4 jaar lang in het water liggen en hadden een aantal pompen etc. weer een zetje en een drupje olie nodig om tot leven te komen.
Ook hier was ik allang verkocht, maar was het goed Jan Rotgans als scheepsexpert erbij te hebben om nog even wat zaken te duiden…mooie ingrediënten voor de onderhandeling.
Trekhaak
Het kan allemaal veel sneller en makkelijker. Dat bleek in 1987 toen ik mijn eerste eigen speedboot – Sea Ray 190 – wilde verkopen. Ik had een afspraak met een potentiele koper gemaakt in de Jachthaven (toen nog Nautica aan het Brielse Meer). Het was einde van de winter en de boot stond nog op zijn oude trailer op de kant met een zeil erover. Ik ontmoette de mogelijke koper aan de bar in de kantine en verwachtte natuurlijk dat hij er goed doorheen wilde kijken en proefvaren etc… Niets van dat alles.
We liepen naar buiten, hij hoorde mijn verhaal aan en zei: “dan neem ik hem mee”. Ik moet stomverbaasd hebben gekeken want hij zei nog: “das geen probleem want ik heb een trekhaak”. Hij liep naar zijn Toyota Landcruiser, reed hem voor de trailer, koppelde aan, hing zijn nummerboord op de trailer, gaf mij een stapeltje geld en reed weg… Nooit meer wat van gehoord. Hetgeen ik heel bijzonder vond want de trailer was eigenlijk alleen geschikt voor wat hellingwerk, maar zeker niet (meer) om op de weg met enige snelheid te gaan rijden…met een vracht van 2 ton. Soms zit het mee…
Volgende week wil ik een onderwerp behandelen dat jullie kiezen. Laat maar weten welk onderwerp je interessant vindt…probeer het een beetje nautisch te houden!
Cheers, Andre
De andere kant van de waterspiegel
Watersport is een wat vreemde bezigheid. Het draait om je voortbewegen in een medium waar je als mens helemaal niet voor gebouwd bent. Of het nu zeilen, powerboating, waterskiën, surfen of wat dan ook is. Je beweegt je aan de bovenkant van de waterspiegel in de hoop dat dat zo blijft…aan de andere kant van die spiegel heb je als mens een extreem snel verlopende houdbaarheidsdatum.
Het is te vergelijken met vliegen. Ook zo’n medium waar we ons in voortbewegen, maar als het fout gaat de houdbaarheid nog sneller verstrijkt. Vreemd genoeg hebben veel meer mensen angst in een vliegtuig dan op een boot. Statistisch zou dat andersom moeten zijn…maar zo zitten we klaarblijkelijk niet in elkaar. Zal wel iets te maken hebben met de zichtbaarheid van de waterspiegel. Een beetje als TV kijken: je hebt er geen reet aan maar het voelt wel goed. We vinden het ook heel normaal dat een boot beweegt op zichtbare golven…maar als een vliegtuig dat wat heftig doet op onzichtbare golven, produceren de meeste van ons 7 kleuren in de onderbroek.
Onze beperkte houdbaarheid onder de waterspiegel is ongetwijfeld de oorzaak dat de diepzee het laatste onontdekte gebied is voor de mens. We weten inmiddels meer over het heelal dan over het leven dat zich op 5 – 10km onder ons bevind.
Waar gaat dit filosofische geleuter naar toe hoor ik je al denken. Heeft-ie nu helemaal niks meer om een beetje sappig over te vertellen? Dat valt mee. Het is de overdreven inleiding op mijn recente pogingen door de waterspiegel te prikken. Schippers hebben hier vreemd genoeg niet zoveel mee. Mijn opa die zijn hele leven binnenschipper was, kon niet zwemmen. Mijn vader (schipperskind en kapitein op de kustvaart) leerde pas een beetje zwemmen op latere leeftijd. Vissen vonden ze allebei een belachelijke bezigheid…of het moest met een net zijn voor je brood. “Ik ga er niet op 1 zitten wachten die ik nog nooit gezien heb” zei mijn vader hierover.

Nu kan ik het verklaren doordat schippers, zeker in het verleden, de vijandigheid van het water regelmatig aan den lijve ondervonden. Echter vond ik het, mede gezien onze plannen, tijd worden deze familie traditie te doorbreken.
Om te beginnen heb ik me vol overgave in de visselarij gestort. Onder bezielende begeleiding van visgids.eu (ook wel buurman Robert genaamd) allerlei fantastische spullen aangeschaft voor een verse kabeljauw filet. Onlangs ben ik zelfs met de visgids daadwerkelijk wezen vissen. Dat betekent met zijn visboot het Tjeukemeer op en “trawlen” en “verticalen” en allerlei andere technieken om de snoek(baarz)en de stuipen op het lijf te jagen.
Als je nu bij visboot denkt aan zo’n tobberig roeibootje met 10pk buitenboordmotor, zit je er goed naast. Om een beetje voor de dag te komen en enige indruk op de roofvissen te maken hebben je een soort van James Bond boot nodig. In dit geval een glimmend zilver/zwarte Lund (de Ferrari onder de visboten weet ik inmiddels) hightech aluminium semi-race boot met 115pk Mercury erachter.

Robert heeft me nog uitgelegd dat hij daarmee eigenlijk wat ondergemotoriseerd was…terwijl we met 60km/u stuiterend over het meer vlogen. In deze ca 6 meter boot zit dan een computer netwerk van fishfinders, zo’n 58 verschillende hengels etc. etc. En we waren zeer succesvol in het stuipen op het vissenlijf jagen…we hebben namelijk niks gevangen…sommige vissen zwaaiden nog wel naar ons op de fishfinder schermen.
Een andere manier om je onder de waterspiegel te begeven is de duiksport. Weer zo’n “sport” die heel weinig te maken heeft met sport en veel met zoveel mogelijk onzinnige uitrusting aanschaffen. My kind of sport!
Inmiddels hebben we het duiken een beetje onder de knie inclusief brevet en uitrusting. Opvallend bij dit soort “sporten” is de primitiviteit waar het in is blijven hangen. We zijn anno 2016 nog niet veel verder gekomen dan gecomprimeerde lucht op je rug binden en dan kan je een tijdje onder blijven…maar niet dieper dan een meter of 40…als het water niet te koud is…en langzamer dan het langzaamste visje en…
Er zijn zoogdieren die 2 uur onder kunnen blijven en zonder problemen naar 500meter afdalen en een zeer grote snelheid kunnen ontwikkelen. Water zit vol zuurstof maar nog steeds gaan wij een tobberig flesje volpompen en daaruit ademen. Kortom: nog een wereld van mogelijkheden en ontwikkelingen voor de boeg volgens mij.

Inmiddels wel gelezen dat Noorwegen een briljante plek is om te duiken. Helder en veel onderwater leven. Zelfs de temperatuur van het water valt mee. In het zuiden ’s zomers rond de 20graden en zelfs op de Lofoten boven de poolcirkel, gemiddeld >13 graden. Dit heeft natuurlijk alles te maken met de warme golfstroom. Ik ben dan ook zeker van plan hier en daar een duikschool op te zoeken en met een gids wat te gaan bekijken.
Kortom grote plannen om ook de andere zijde van de waterspiegel onveilig te gaan maken!
Volgende week maar weer even boven water kijken naar wat mooie avonturen.
Cheers, Andre
Vaatwasser wordt duikcompressor
We hebben een datum geprikt voor het vertrek: 16 April. Dat is op een zaterdag omdat Ricardo de eerste 2 weken meevaart. Leuk! We hebben dus nog 5 weken voor de voorbereidingen.

Een aantal zaken zijn al langsgekomen. Zoals iedereen al verwacht had heb ik de vaatwasser discussie verloren. Het apparaat is eruit en de ruimte is omgebouwd tot grote kastruimte. Een fraai stukje timmerwerk…al zeg ik het zelf. Nu heeft Mr.Bean2 zeer veel kastruimte, echter het zijn heeeel veel kleinere kastjes en vooral heel veel lades…erg fraai…maar niet altijd praktisch. Ik heb dus punten gescoord met de creatie van deze grote kast.
Het opslaan van alle spullen is overigens een actueel onderwerp. We lijken net zo’n gezin dat met de caravan op vakantie gaat en een mud aardappels en pan macaroni meeneemt. Om te beginnen gaan we naar een gebied waar de alcohol heel duur is. Inmiddels ligt de boot voorover van de dozen wijn onder de vloer.
Hoeveel Nespresso gebruik je eigenlijk in 6 maanden? …daar schrik je van…vooral van de prijs die de Zwitsers van Nestle daarvoor durven te rekenen…alsof ze daar nog geen geld genoeg hebben. En dan heb ik het nog niet gehad over alle andere boodschappen die in grote hoeveelheden ge-“stored” moeten worden….nu maar hopen dat we geen verrassingsbezoek van de Noorse Douane krijgen…of zou de drank al op zijn als we daar aankomen?

Inmiddels ook een duikuitrusting aangeschaft. Niet alleen leuk om op mooie plekken de omgeving onder water te verkennen, maar ook praktisch voor eventuele klussen onder water zoals troep in de schroef of een verstrikt anker. Hoogtepunt hierbij is, naast de errug coole duikcomputer – een idioot groot horloge met allerlei onzinnige informatie – de duikcompressor. Een goede vriend had deze al een hele tijd ongebruikt staan. Een mooie oplossing om onderweg je fles weer op 200bar te kunnen brengen, maar ook de drukcilinder van het PCP-geweer te vullen. Het apparaat is inmiddels netjes in de lazarette – mooi woord voor de rommelkelder onder de kuip – geïnstalleerd.
Verder een hele lijst met kleine aanpassingen doorgevoerd van zonwering in het stuurhuis tot een constructie om het dekkleed op de flybridge niet te laten inzakken.
Belangrijkste is natuurlijk het onderhoud aan de motoren en technische installaties. Afgelopen week druk geweest met het verversen van olie en filters. Dat klinkt triviaal maar om een idee te geven:
- 22 liter in de Cummins hoofdmotor
- 10 liter in de TwinDisc transmissie
- 5 liter in de Lugger die de Northern Lights generator aandrijft
- 4 liter in de Honda buitenboordmotor
- een beetje staart transmissie olie
- 5 liter in de Yanmar hulpmotor
- …en die heeft ook nog een transmissie
- …en dan hebben we het nog niet eens over de hydraulische olie in het Stabilizer system, de hydraulische boeg- en hekschroef, het stuursysteem…etc..
…en al die zooi heeft ook nog eens filters die vervangen moeten worden…en de brandstofsystemen van al dit gedoe heeft ook grof-filters…en fijn-filters…en dan zijn er ook nog filters op het fuel polishing system en de Centrale Verwarming…en….you get the picture…
Als je je tijdens deze acties weer eens verdiept in de gebruiksaanwijzingen, realiseer je dat als je deze op de letter zou volgen, je nooit meer zou varen. Tegen de tijd dat je alle checks op alle systemen hebt gedaan die zijn voorgeschreven voor elke start…is het donker. Om maar niet te praten over alle checks en onderhoud die je periodiek moet doen.
Hiernaast moet je op een schip alles 3-dubbel hebben. Midden op zee vaar je niet even een benzinepomp of garage binnen. Dus een hele lijst gemaakt van alles wat we op reserve mee moeten nemen. Om te beginnen met al die filters maar ook waterpompen, v-snaren, anodes etc. etc. Eigenlijk heb je de hele boot nog een keer aan boord. Het leuke (voor de economie) hieraan is dat je veel nooit gaat gebruiken. Omdat het voor een boot is, is het 3x zo duur als hetzelfde ding voor een auto. Omdat veel uit Amerika komt is het hier nog een keer zo duur…en veel is zo moeilijk te vinden en kopen dat je uiteindelijk heel blij bent om veel teveel te betalen. Als je genaaid wordt, wil je ook gezoend worden…dat laatste is me nog niet opgevallen.
Meerdere lezers hebben gevraagd om wat foto’s van het interieur van Mr.Bean2. Van het “hoofddek” met Salon, Keuken en Stuurhuis zijn al meerdere foto’s voorbij gekomen. Hieronder wat kiekjes van de “beneden” verdieping met de machinekamer, 3 slaaphutten en 2 badkamertjes.
Los van de boot wil je, als je een half jaartje weg gaat, thuis zo weinig mogelijk losse eindjes achterlaten. Twee praktische zaken die ik graag zou afronden voor 16 April zijn:
- Verkoop Warp11. Hier zit nog niet zoveel schot in. Om daar wat vaart achter te zetten hebben we de prijs verlaagd naar een belachelijk niveau van 89.000 euri. Italian beauty
- Verhuur van ons huis gedurende deze periode via Airbnb. Inmiddels een aantal boekingen, maar ook nog veel ruimte in de agenda. Luxe villa aan het water
Volgende week verhuizen we naar de zaterdag als publicatiedatum. Hebben jullie wat te doen in het weekend.
Cheers, Andre
Marina life
Tot we in 2006 de boot achter het huis konden parkeren in Lemmer “lagen” we altijd in een Jachthaven. De oplettende Mr.Bean2-watcher weet dat dat begon toen ik nog een kleine jongen was aan het Brielse Meer bij Watersport (of ski) Vereniging Nautica.

In deze episode wil ik wat ervaringen delen over het bijzondere ecosysteem dat Jachthaven heet. Het is vaak een vreemde mix van parkeerplaats, vereniging, hobby/klus omgeving met een hele specifieke cultuur. Generaliserend ga je van de kijk-mij-en-mijn-boot-eens-show havens langs de kust naar een-wonder-dat-dat-nog-drijft-hobbykwartier havens langs de kleinere kanaaltjes in het achterland.

Door mijn gebrek aan decorum deinzen we er niet voor terug om ook met onbehouwen boten als de Warp11 en Mr.Bean2 de kanaaltjes op te zoeken waar we nog net doorheen kunnen. Hoogtepunt op dat gebied was toen ik ooit bedacht dat we met de Warp11 wel door natuurgebied de Weerribben konden. Belinda schaamt zich nog steeds rot als ze eraan terugdenkt: scheldende mensen in tuintjes die al half onder water lagen terwijl we stationair niet langzaam genoeg konden varen om nog enige geveinsde compassie te tonen. Bruggetjes die niet breed genoeg leken…maar dat toch altijd net zijn, terwijl we een omgewoeld modderspoor trekken met 2 ronkende Caterpillars…not a pretty sight.
Zo kwamen we ook ooit in een jachthaven bij de Kagerplassen die zijn gloriedagen al lang geleden had gehad. De plat-Haagse havenmeester, een genot om naar te luisteren, wees ons een plaats aan een steiger…nou ja…dat was het ooit geweest. Ik durfde niet vanaf de boot op de steiger te springen omdat ik verwachtte er doorheen te gaan. Toen we eenmaal lagen was de vraag of de steiger aan onze boot vast lag, of andersom. Het was alsof we in een Koot&Bie sketch terecht waren gekomen. De havenmeester kon de Warp zeer waarderen maar hoogtepunt was toch wel het bijbootje, de Warpjet. Dit is een Avon RIB met een jetmotor erin. Op zijn Haags heet dat een jetandrijvinkie hebben we toen geleerd.
Nautica

Nautica was een wat bijzondere omgeving. Mijn ouders waren daar in 1967 1 van de eerste ligplaatshouders. Het was eigenlijk helemaal geen Jachthaven maar een uit de hand gelopen Waterski vereniging die een terrein zocht. Dat kregen ze toegewezen op “nieuw land” langs het Brielse meer. Voorwaarde was dat ze er een Jachthaven en Recreatie/caravan terrein zouden starten. Waarschijnlijk is daar mijn afwijking voor snelle boten en grote motoren ontstaan. Het ging daar, zeker in de eerste jaren, alleen maar over snelle boten en waterskiën.
Dat bepaalde ook de sfeer. Veel ondernemers die goed in de, al dan niet zwarte, slappe was zaten met naast de dure Boesch speedboten ook veel te grote jachten en caravans. Tenminste het moesten voor de wet caravans voorstellen. Het waren riante bungalows, sommigen zelfs met kelder! Er lag bijvoorbeeld ook een Jacht van zo’n 25 meter…op het Brielse meer…het moest 2 keer steken om te keren op het meer. Kortom: de feesten waren altijd goed!
Atlantica

Toen we in 1992 de eerste Mr.Bean kochten zochten we een ligplaats in de buurt van Dirksland op Flakkee waar we toen woonden. In Stad a/h Haringvliet – een wat eufemistische naam voor 3 huizen en een kerk – werd net de nieuwe Jachthaven Atlantica geopend.
In de eerste jaren met zowel de Mr.Bean als de Pegasus gebruikten wij de haven vooral als parkeerplaats. Als we naar de boot gingen, dan gingen we varen. Echter, naarmate onze boten groter werden promoveerden we van het begin naar het einde van de jachthaven om uiteindelijk met de Warp11 aan de laatste steiger te liggen. Die steiger werd ook wel de borrelsteiger genoemd…en dat had meer met eigenschappen van de eigenaren dan van de vaartuigen te maken.
Wij zijn bepaald geen verenigingsmensen. Altijd een hekel gehad aan “dingen die moeten” en een sfeer de snel klef-met-achterklap wordt als je met een grote groep mensen verplicht gezellig gaat doen. Echter werden we ongemerkt steeds meer in het verenigingsleven getrokken totdat we zelfs officieel lid werden van Atlantique (de vereniging in de Jachthaven). Voornamelijk omdat de actieve leden een beperkt vriendengroepje was waar we sowieso al veel mee optrokken.
De Jachthaven veranderde voor ons van een parkeerplaats naar een sociale omgeving. We gingen ineens weekenden naar de boot zonder te gaan varen. De daling in gebruik van fossiele brandstoffen werd overigens ruimschoots goedgemaakt door het alcoholgebruik. Zelfs in de winter wanneer de boten op de kant stonden en ik, veelal samen met Ricardo, naar de boot ging om wat te klussen, kwam van dat klussen niet zoveel meer. De meest comfortabele motorboot was al snel een soort van clubhuis voor “klussende heren” met een grote drankvoorraad en veel sterke verhalen.
Zoals gebruikelijk in Nederlandse havens in de buurt van de kust zijn de meeste boten van het zeilende type. Ondanks dat wij wat minder gingen varen was dat altijd nog vele malen meer dan de gemiddelde zeiler. Veel geplande verenigingstochten gingen niet door vanwege het weer. Hoogtepunt was de nachtwedstrijd. Dit was een route rond het eiland tiengemeten die ’s nachts werd gevaren. Om nog steeds onduidelijke redenen werd de Warp11 uitgesloten van mededinging…had iets te maken met het ontbreken van zo’n stok op dek en Caterpillars.
Wij zouden als bemanning meegaan op een zeiljacht van een vriend. De spanning en training bouwde op tot ongekende hoogte tot de nacht dat het moest gaan plaatsvinden…toen ging ook dit niet door…want er werden buien verwacht…en dan kon het zicht slecht worden…in een nachtwedstrijd… Zoals gebruikelijk werd dan het hele zooitje in de Warp geladen en gingen we vol gas naar de eindbestemming van de tocht. Op snelheid heb je minder (lang) last van slecht zicht…
Al dat niet-zeilen leidde tot de nog steeds gebruikte “schaal van Huizing” waarmee je exact kan aangeven waarom er niet gezeild kon worden.
- het waait te hard (>F4);
- het waait te zacht (<F4);
- het waait uit de verkeerde richting;
- het regent;
- het onweert;
- het zicht is slecht;
- niets van het bovenstaande…maar er is een mogelijkheid dat 1 van deze zaken zich in de nabije toekomst gaat voordoen.
Ondanks de grote luxe van de boot-in-de-tuin missen we het Jachthaven-sfeertje. Als we ’s zomers in Rotterdam zijn, gaan we er nog wel eens langs…en het is eigenlijk nog precies hetzelfde. We kiezen een kuip of achterdek en vertellen verhalen die sterker worden naarmate de alcoholische inname toeneemt. Om in de sterke drank te blijven: nothing changes…really.
Nog een goede maand voor vertrek…dus volgende week weer even terug naar de voorbereidingen van de grote reis met Mr.Bean2.
Cheers, Andre
La Dolce Vita
Belangrijke waarschuwing: onder druk van heftige emoties zullen sommige passages in deze episode geen enkele relatie hebben met de realiteit of met mensen die een boot zien als een verzameling spullen om op het water van A naar B te komen. Je kent ze wel, mensen die naar een 60er jaren Ferrari California kunnen kijken en zeggen: het is gewoon een verzameling staal en rubber. Zoals de Mona Lisa een verzameling verf en canvas of de Duomo van Florence een verzameling steen en marmer is. Als je in die categorie zit, stop dan hier maar met lezen…en neem nog een banaan.

We gaan het namelijk hebben over Riva. Kunst in Mahonie en Chroom…die ook als boot te gebruiken is. Door Jeremy Clarkson aangeduid als “the mahogany passport to the high life” en “the most beautiful creation made by man”…niet dat we ons veel moeten aantrekken van de smaak van iemand die zich kleedt als Jeremy….maar in dit geval zijn veel mensen, waaronder ondergetekende, het met hem eens.
Voor de (nu nog) onwetenden en ongelovigen: Riva begon ooit met het bouwen van vis- en andere werkboten aan Lago di Como. Mensen die daar wel eens geweest zijn weten dat je in zo’n omgeving op mooie ideeën komt, zo ook Opa Riva. Uiteindelijk verhuist de famiglia naar Sarnico aan Lago d’Iseo en wordt bekend met het bouwen van raceboten in de eerste helft van de 20e eeuw. Zoon Carlo komt eind jaren 40 op het idee luxe speedboten voor de rich and famous te gaan bouwen geinspireerd op de mahoniehouten Amerikaanse runabouts van voor de oorlog (ChrisCraft, Hacker etc.)…maar dan mooier…Italiaanser. Dat leidt uiteindelijk in de jaren 50, 60 en 70 tot de mooiste serieproductie boten ooit gemaakt.
Een periode waarin ook de mooiste auto’s ooit zijn gebouwd in Italië. RIva kan zo in het rijtje Ferrari, Maserati, Lamborghini en niet te vergeten ontwerpers als Pininfarina en Bertone. Er zijn al veel studies verricht naar het waarom van dit fenomeen. In de TU-richting Industrial Design is Riva zelfs een separaat onderwerp. De laatste mahoniehouten Riva werd overigens nog in 1996 gebouwd. Riva was toen al helemaal geconverteerd naar de bouw van super de luxe polyester schepen…vooruitgang heet dat.
Mocht je (inmiddels) een gelovige zijn dan kan ik een pelgrimstocht naar Sarnico absoluut aanraden. Het hele stadje ademt nog steeds Riva. Onderhoud en restauratie van de mahonie schoonheden is een belangrijke bezigheid en de bouw van de polyester jachten is van een bijzonder niveau.
Nuvola Rossa
Toen we in 2006 in Lemmer aan het water gingen wonen had ik eindelijk de ruimte om mijn jongensdroom te verwezenlijken. Na veel zoeken werd in 2007 de SuperFlorida #735 uit 1963 aangeschaft genaamd: Nuvola Rossa (rode wolk). Deze was in bezit van een liefhebber die haar in slechte staat aan het Como meer had gekocht en volledig had laten restaureren. Het houtwerk is in Roemenië gedaan. Op de site van die werf staat nog steeds het hele fotoverslag van die restauratie: Restauratie Nuvola Rossa
Economisch gezien slaat het kopen van een boot meestal nergens op…dat gat in het water waar je geld in stort. Echter in dit geval kon het wel eens mijn beste investering ooit zijn. Net als met klassieke auto’s is de waarde de afgelopen jaren met sprongen gestegen…of hoe je een volledig emotionele beslissing achteraf goed kan praten.
En wat doe je dan met zo’n work-of-art? We varen er opvallend veel mee. Het is een geweldig bootje om op een mooie dag bijvoorbeeld even naar Sloten te varen voor een versnapering. Het is ook een prima waterski boot (daarvoor was dit specifieke model ooit door Riva ontwikkeld). We hebben er ook een paar keer wat grotere tochten mee gemaakt. Bijvoorbeeld een weekendje Giethoorn. Op zaterdag van Lemmer door de weerribben naar hotel de Harmonie waar je, volledig op zijn Giethoorns, je bootje voor je kamer kan afmeren en dan op de zondag via een andere route weer terug.

Het is ook nog eens fantastisch voor je ego om in een Riva te varen. Veel opgestoken duimen en bewondering…voor de boot…maar je kan jezelf veel wijsmaken. “Hey een James Bond boot” hoor je vaak, of de man die wijzend naar onze boot zijn vrouw gaat uitleggen “wat dat is”. En om het helemaal af te maken hoor je bij dit alles de mooiste soundtrack: een oude Chris Craft V8 stationair onregelmatig door het koelwater gorgelen…of brullen als je hem op zijn staart trapt. Belinda schaamt zich rot als ik onder elk akoestisch verantwoord bruggetje toch weer even gas moet geven…Als God scheten laat weet ik hoe ze klinken…
En van een flatulent opperwezen is het volgende week een kleine stap naar een verhaal over onze ervaringen toen we nog in een jachthaven lagen.
Cheers, Andre
Nautical adventures
Sex. Zo, ik begin even met een experimentje. Het lijkt erop dat episodes waarin dit woord gebruikt woord veel beter scoren in de statistieken.
Deze keer weer een avontuur uit het nautische verleden. Een leuk voorbeeld van een klein probleempje dat uiteindelijk grote gevolgen had.
Een ruitenwissertje
Voorjaar 2004, we varen met goed weer Stellendam uit op weg naar de River Blackwater in Oost-Engeland. Dit is een rechttoe-rechtaan oversteek met 1 complexiteit: we kunnen aan de overkant alleen rond hoogwater de geplande haven in. We hebben het vertrek dus zo gepland dat we op kruissnelheid aan het begin van dat hoogwater “window” aankomen.
Iedereen die wel eens de Noordzee oversteekt weet dat vertrekken met goed weer geen enkele garantie biedt voor het weer dat je allemaal nog gaat meemaken…zo ook dit keer. Varend op snelheid (26 knopen) neemt de Noorden wind steeds verder in kracht toe. Op een gegeven moment is het zo’n F5 – 6.

Even wat uitleg: een planerende (snelle) boot heeft een hoge primaire stabiliteit. Met andere woorden: door de scherpe vormen en brede kont ligt hij in rust vast in het water. Als je bijvoorbeeld op de zijkant stapt zal hij relatief weinig bewegen. Veel minder dan bijvoorbeeld een zwaarder rondspant jacht. Echter als het water gaat bewegen – golven noemen we dat – dan gaat die stabiliteit tegen je werken. De secundaire of dynamische stabiliteit is veel minder dan van datzelfde rondspant jacht. Het wordt een soort van badkuip die mee wiebelt met alle nukken van de zee. Stabiliteit moet je dan uit het motorvermogen en eigen snelheid halen…en dat doen we graag.
In dit geval varen we pal west met een noorden wind. Veel schepen hebben last van zo’n “beam sea”, golven die dwars op de koers binnenkomen. Afgelopen zomer hebben we dit testje met Mr.Bean2 gedaan: dwars op F6 golven varen en dan de stabilizers uitzetten…dan kun je een hoop spullen van de grond gaan oprapen. Een planerende boot op snelheid heeft dat veel minder. De boot beweegt als het ware recht op en neer, maar slingert nauwelijks door de kracht die de motoren ontwikkelen.
Dat gaat een hele tijd goed totdat er een golf aan dek komt en de ruitenwisser het niet meer kan verwerken en over zijn asje begint te draaien…die doet het dus niet meer. Doordat er behoorlijk wat buiswater dwars over de boot waait is het niet verantwoord op snelheid door te varen met weinig zicht.
Tot ontzetting van Belinda, Laura en Ricardo bedenk ik dat ik even op het voordek ga kijken of ik het nog kan repareren. Inmiddels varen we dus langzaam en slingert de Warp11 heftig. Zwemvest aan en op expeditie terwijl Belinda de kop op de golven houdt (de kop van de boot). Het is snel duidelijk dat hier niet zoveel aan te doen is.
Dat betekent dus langzaam doorvaren…en dus slingeren…en te laat aankomen om nog de haven in te kunnen. De kaarten komen erbij en we besluiten uit te wijken naar de River Orwell waar we altijd in kunnen. De volgende uren hebben we allemaal, behalve Ricardo, last van een lichte zeeziekte. We zijn dit duidelijk niet gewend en heel blij als Harwich in zicht komt.
Altijd weer een mooi moment om na een oversteek met wat meer uitdaging vast te knopen in de haven en een biertje open te trekken!
Volgende week gaan we over op een veel kleinere schaal met wat verhalen over tochten die we met onze grote liefde, de Riva, hebben gemaakt.

Cheers, Andre
Pimp my boat
De afgelopen 3 weken ontdekt dat:
- Duiken bij de antillen heel mooi is en mijn open water brevet gehaald;
- Snowboarden moeilijker is dan het eruit ziet;
- Veel drank daar niet bij helpt.
Het wordt dus tijd terug te keren naar het voorbereiden van Mr.Bean2 op de grote reis. Nog slechts 2 maanden voordat we van wal steken.
Na 3 maanden op de kant in Jirnsum is Mr.Bean2 eergisteren het water in gegaan. Altijd weer een spannend moment.

De kraan bij de Boarnstream werf kan 80 ton tillen…maar een bootje van 45 ton geeft toch een hoop gekraak en gesteun…en je moet je de ravage maar niet voorstellen als er een kabeltje of band knapt…
Het volgende spannende moment is bij het in het water zakken. Stopt het zakken zo’n beetje rond de waterlijn…of gaat het door. Ik heb ooit mijn eerste Sea Ray speedboot te water gelaten zonder de “stop” erin. Dat is een plug onder in de spiegel om water uit de boot te laten lopen. Ik kwam er toen achter dat het de andere kant op ook prima werkt. Na een kwartiertje lag de achterkant al bijna onder water…not my finest moment.
En dan het moment waarop de motor weer moet aanslaan en allerlei andere systemen getest moeten worden. In dit geval ging het allemaal goed. Afgezien dat bleek dat de nieuw geïnstalleerde hulpmotor zijn koelwater uit de uitlaatbeluchter stond te sproeien. Dat klinkt ingewikkeld, maar is een klein rubbertje…en Mr.Bean kan natuurlijk niet met een lekkende rubbertje door het leven. Die moet dus nog even vervangen worden.
Gisteren heb ik haar terug gevaren naar Lemmer. Ze ligt weer vertrouwd voor de deur en dat is maar goed ook. Belinda begint al zenuwachtig te worden over het plannen en bevoorraden…en als we iets niet willen is het dat wel.

Na de grote zaken gaan we ons nu druk maken over de details. Een wel erg decadente discussie is: “houden we de afwasmachine of niet?”. Ja je leest het goed, in de keuken zit een Miele afwasmachine ingebouwd. Echter, daarvan doet de afvoerpomp het niet. Een vrij simpele reparatie…maar Belinda vindt een afwasmachine op een boot onzin…niet helemaal onterecht. Ze heeft veel liever een grote kast op die plek. Jullie begrijpen dat dit voor mij een zeer gevaarlijke discussie is…als ik even niet oplet is de afwas en/of de machine “van mij”…dus ondanks dat ik het heel cool vind dat die machine erin zit gaat hij er direct uit als er een andere mooie oplossing naar Belinda’s zin in kan.
Andere zaken op het lijstje zijn:
- Repareren dekwaspomp aansluiting en monteren extra vers water aansluiting in de kuip.
- Plaatsen duikcompressor, niet alleen voor de duikfles maar ook handig voor de luchtbuks.
- Overal een goede plek voor vinden…een boot is net een zolder: het vult zichzelf en je kan nooit iets terugvinden.
- Nog wat extra IP-camera’s installeren.
- De electra zo organiseren dat de grote vriezer en andere 220V gebruikers op de accu’s/omvormer kunnen draaien.
- …etc…etc…
Bootmensen weten dat dit soort lijstjes nooit leeg zijn en, net als de zolder, zichzelf altijd weer vullen.
In de volgende episode pakken we weer een paar avonturen uit het nautische verleden beet.
Cheers, Andre
Alle begin is makkelijk
Met deze aflevering moeten jullie het 3 weken doen. Mijn harde werkeloze leven sleept mij de komende weken naar de Cariben en de sneeuw in Frankrijk. Door deze enorme drukte en stress zal er even geen blogschrijverij in zitten. Om te voorkomen dat Mr.Bean2’s trouwe lezer schare vanaf volgende week zwaar in therapie moet, een extra dikke episode.
Dit keer over hoe we als startend gezin onze eerste schreden zetten op het pad der motorbotelarij.
De Onedin Line!
Zomer 1989. Laura is 1 jaar oud en een paar maanden geleden hebben we het zaadje voor Ricardo geplant. De oplettende Mr.Bean2-volger weet dat ik 2 jaar geleden mijn eerste speedboot verkocht heb om een huis te kopen en te trouwen met Belinda. Het vakantiebudget loopt na al dat gedoe niet over…en ik moest een manier vinden om Belinda ook te interesseren voor het varende bestaan.
Mijn ouders hadden op dat moment een stalen motorkruiser (type broeikaskruiser…maar deze zag er gelukkig nog uit als een schip): de Pampero. Jawel, uit “The Onedin Line”. Waarschijnlijk heb je geen idee wat dat is…maar bij de familie Huizing in de jaren 70 en 80 een verplichte televisieserie.

Deze boot mochten we best voor een week of 3 lenen. Zo gezegd…iets minder zo gedaan. Dat had 2 oorzaken:
- Een kind van 1 jaar heeft meer “noodzakelijke” spullen dan op een 10 meter motorboot passen;
- Mijn moeder houdt nogal van prularia…en dan druk ik me nog zacht uit…de woonwagen van Koko Petalo is sober in vergelijking met de zooi die op de boot verzameld is.
Ombouw van een woonwagen
Mijn vader ziet in onze actie een mooi excuus om van de Pampero weer een schip ipv woonwagen te maken. Dus alle…uuuhhh…ja wat is het allemaal…ornamenten uit de vensterbankjes gehaald, 2 ton glaswerk, vazen, kunstbloemen etc. eraf. De Pampero ligt ineens weer een decimeter hoger in het water…maar dat hebben we zo opgelost met buggy, kinderwagen, kinderstoel, kinderbedje, vrachtwagen luiers en wat een kind van 1 allemaal nog meer nodig heeft om de dag door te komen. En natuurlijk heeft opa voor zijn kleindochter 1 van de bedden in de achterroef volledig omgebouwd tot compleet veilig kinderbed.

Dat heeft overigens wel een nadeeltje. Belinda en ik slapen op het dubbele bed in dezelfde achterroef…en Laura is meestal om 6 uur wakker…en houdt dat niet voor zichzelf. Natuurlijk weinig zo leuk als in je bed staan en je ouders te zien slapen en die ff wakker te maken.
Laura blijkt varen prachtig te vinden. Niet alleen het keten in de achterroef, maar ook met papa alle koetjes en schaapjes nadoen die op de oever staan, op het achterdek in de kinderstoel zitten, eenden voeren en pesten, in het water spelen…en het leukste is misschien wel hard heen en weer rennen in het stuurhuis als de boot gaat slingeren.
Op een mooie avond varen we op een kanaal. Laura is naar bed…denken wij. We zitten buiten op het achterdek…dat is dus bovenop de achterroef. Een paar mensen aan de kant staan uitbundig naar ons te zwaaien…denken wij. We zijn wat verbaasd maar zwaaien beleefd terug. Kennen wij die mensen? Dat herhaalt zich nog een keer en dan krijgen we door dat mevrouw een verdieping lager in bed voor het raampje staat en naar iedereen staat te zwaaien…
De grote angst die sluis heet
Nog even terug naar het begin. Uiteindelijk hebben we de woonwagen dus getransformeerd in een soort van kindercrèche. We twijfelen nog even of we de veel te grote en zware eikenhouten tafel met plavuizen uit het stuurhuis ook achterlaten. Om Ma niet helemaal over de rooie te jagen doen we dat maar niet…daar krijgen we nog spijt van…
Voor Belinda is dit de eerste keer dat ze echt gaat varen. In de speedboot was het vooral meevaren, mooi zijn, waterskiën en op dek liggen…nu wordt het serieus! Mijn moeder had haar al schrikbeelden aangepraat over de grote vrachtvaart en het ruwe water op de grote rivieren en vooral de enorme moeilijkheden die je moet overwinnen om een beetje ongeschonden een sluis te passeren.
De Pampero ligt bij WSV Nautica aan het Brielse Meer. Een jachthaven waar we al sinds 1967 liggen en ik zo’n beetje ben opgegroeid. Er is maar 1 route het Brielse meer af en dat is door een sluis naar de Oude Maas. Het goede bericht voor Belinda is dus dat onze sluiscapaciteiten al na 30 minuten inslingeren op de proef worden gesteld. Een sluisje dat ik al tientallen keren ben gepasseerd. Echter, ik vaar voor het eerst met deze boot dus helemaal zeker van mijn manoeuvreerkunsten ben ik ook niet. De deuren gaan open en we varen de sluis in…Alsof we nooit anders gedaan hebben leggen we aan en varen weer weg als we geschut zijn…wat een team! Belinda vraagt zich af waar Ma het over heeft gehad…dat komt overigens vaker voor…
Encore!
Het werd een heel mooie vakantie, sterk geholpen door on-Nederlands mooi weer. We hoefden een jaar later, Laura 2 en Ricardo net een half jaar, niet zo lang na te denken over de vakantieplannen.
Mijn vader was duidelijk niet succesvol geweest in het terug claimen van zijn schip…mijn ouders hadden ook een normaal huwelijk. Een jaar later was het weer gewoon een woonwagen. Dus de grote transformatie weer van vooraf aan ingezet. Echter nu moesten er 2 kinderen aan boord gehuisvest worden. Een mooi excuss om die grote eikenhouten tafel achter te laten.
Het jaar ervoor had ik even doodsangsten uitgestaan toen we met een stevige westenwind op het Ketelmeer waren en moesten keren. Onvermijdelijk kom je dan overdwars in de golven…en een broeikaskruiser is dan een soort van badkuip die behoorlijk gaat slingeren. Laura liep uitgelaten door het stuurhuis te rennen…het kon haar niet gek genoeg gaan. Op een gegeven moment zag ik echter ook de tafel gaan bewegen…niet een projectiel waar je door geraakt wil worden in een kleine ruimte. Toen besloten dat die in ieder geval nooit meer mee zou gaan.
Haut cuisine tussen de luiers
Het werd wederom een mooie vakantie. Ricardo was te jong om er veel van mee te krijgen maar had het prima naar zijn zin op zo’n schommelend ding. Kapitein Laura regeerde inmiddels de hele boot met stevige hand…in een te groot zwemvest…ze is nogal klein voor haar leeftijd en ook het kleinste maatje was nogal groot voor haar.
Het leuke van een kleine broeikaskruiser is dat je op veel plaatsen kan komen. Een geweldig plekje waar we terecht kwamen was de Gracht door het centrum van Utrecht. Daar heb je van die leuke restaurantjes in de kadekelders zitten. Een hele mooie gelegenheid om met Belinda uit eten te gaan naast de boot waar de kinderen lagen te slapen. Mooie oplossing!

Diezelfde Gracht gaf overigens ook nog wel wat zweetdruppeltjes. Sommige van de oude boogbruggen zijn voor een boot een soort van tunnels. De hoogte in het midden is 3.20m, de Pampero is 2.80m hoog…aan de zijkanten van het houten frame rond het raam bovenop. Dat scheelt op de hoeken dus maar een paar cm. Als je dan ook nog een bocht moet maken onder zo’n brug…en met een beetje pech er zo’n platte veeschuit met toeristen al toeterend aan komt van de ander kant…dan scheelde het niks of ik had mijn vader zwaar moeten teleurstellen…iets dat overigens vaker voor was gekomen…
Twee heel mooie vakanties die, ook bij Belinda, het enthousiasme voor het varen sterk hebben doen groeien. Het volgende jaar werd de Pampero echter verkocht omdat mijn ouders inmiddels te oud werden voor het varen en een stacaravan kochten…wel bij de haven aan het Brielse Meer…mijn vader kon de bootjes niet missen.
Twee jaar later kochten wij de eerste Mr.Bean, niet echt een boot om weken mee weg te gaan, maar wel leuk voor een paar dagen als afwisseling op de “land vakanties” wat we een paar jaar gedaan hebben.
Volgende keer (over een week of 3) weer even terug naar de voorbereidingen van Mr.Bean2 en de grote reis.
Cheers, Andre
