We hebben de afgelopen week doorgebracht in een zee van Marmer…want dat is letterlijk wat de “Marmara Sea” betekent. Het mooiste en zuiverste witte marmer komt van Marmara Adesi…en je raadt het al: dat betekent Marmer eiland.
Iedereen kent wel het moment bij kennissen waarop zij (of nog erger: hij) zegt “we hebben de badkamer verbouwd, willen jullie die zien?”. Ik wil dan altijd heel hard NEE roepen…maar mijn extreem goede manieren weerhouden mij daarvan…dus sta ik even later naar iemands badkamer te kijken en vraag ik me (in stilte) af: wat is er minder interessant dan een badkamer van iemand anders? Meestal vind ik daar geen antwoord op…
Nu kregen we echter de uitnodiging om eens te gaan kijken waar dat witte marmer vandaan komt…en dat is wel heel interessant. Op Marmara Adasi zijn enorme steengroeven. Hasan had geregeld dat een Ingenieur van 1 van deze bedrijven ons daar wat van ging laten zien. Wat een bizarre omgeving! Zou een geweldige filmset zijn voor een science fiction film.
Ugur, de mijnbouw ingenieur, bleek een geweldige vent. De veiligheidsmaatregelen in deze groeven zijn, laten we zeggen, nog niet enorm ontwikkeld dus we konden overal rondkijken. Wat een geweld! Zeker als ze 2 gaten in de berg boren daar een diamantsnoer doorheen halen en 36 uur gaan “zagen”. Daarna nemen ze een enorme dragline die het blokje (van pakumbeet 30x30x30 meter) omgooit. Daarbij breekt het marmer al op de juiste zwakke plaatsen…en daarna gaan ze dus wat verder zagen tot ze Badkamerzooi of Grafstenen hebben…want daarvoor wordt dit witte marmer het meest gebruikt…tot groot verdriet van Ugur die dit een slechte reputatie voor dit mooie materiaal vindt.
Tijdens de lunch met de mannen in de kantine komen we erachter dat er een strikte scheiding is tussen “blauwe” en “witte” boorden en dat werkweken van 7×10 uur niet vreemd zijn…en dat alles bij 40graden in continue witte stof… Maar de fabrieksvloer is wel van marmer, en de stoelen en de tafels en de bloembakken en…
Vorige week waren we al in de Marmara Zee. Het is namelijk het plasje water als je de Bosporus uitkomt en voordat je de Dardanellen (of Hellespont) invaart. Om precies te zijn waren we in Tuzla. Vroeger een vissersdorpje, nu opgeslokt door het grote Istanbul. Hier kregen we een warm welkom van Egemen de marina manager. We hadden hem ook al op de bootshow in Dusseldorf ontmoet.
De Viaport marina is alles wat je ervan verwacht. Je hoeft het terrein niet eens meer af…een enorme haven met een enorme shopping mall, kermis met rollercoasters, alle services die je maar nodig zou kunnen hebben…Erg mooi en precies wat je niet wilt als je wat van het land en de mensen wilt zien.
Laura gaat vanaf hier weer naar huis via het Ataturk vliegveld. Nu zijn wij er natuurlijk net als er een demonstratie tegen Erdogan aan de hand is van 1,6 miljoen mensen! Het is dus nogal druk. Uiteindelijk brengt Egemen haar helemaal naar een Ferry terminal van waaraf de ferry naar het vliegveld vaart…als je in Istanbul ergens op tijd moet zijn moet je over het water…het verkeer is een absolute ramp.
Ik realiseer me nu pas dat ik van de marina helemaal geen foto’s heb gemaakt. Wel van een fantastische avond die we met Egemen en een andere Marina medewerker hadden in 1 van de meest bijzonder Bars/Yachtclubs die we ooit gezien hebben vlakbij Tuzla. De eigenaar is een fan van houten schepen en had zowel op de kant als in het water van alles verzameld. Geweldig…en dat gold ook voor het uitzicht!
Dan een lange ruk naar het marmer eiland Marmara Adasi. Doordat dit het meest zuivere en dichte marmer is haalden de oude Grieken en Romeinen hier hun marmer vandaan. Als je dus nog eens naar een oude tempel o.i.d. staat te kijken in Italie of Griekenland kan je er bijna zeker van zijn dat het marmer hiervandaan is gekomen.
We leggen aan in Asmalikoy. Een heel klein plaatsje met een idyllische ligging in een mooie baai…en het is bijna een anti-climax…niemand komt ons tegemoet varen, geen ontvangstcomité op de wal, gewoon zelf aanleggen…we zijn het niet meer gewend. Sinds lange tijd ook gewoon weer langs een kaai aangelegd. Ik loop de Visser coöperatie binnen en natuurlijk is het allemaal no problem waar we liggen. Verder veel pensionada’s aan de haven. Mannen zitten hier gezamenlijk drinken thee en spelen kaart, rummikub of backgammon. Er zit er 1 bij die jaren in Duitsland heeft gewerkt en dat ook spreekt en ons graag zijn huis, auto (Duits maar in Turkije gebouwd) en huis van zijn vader en… wil laten zien. Natuurlijk hebben ze allemaal uitzicht op de fraaie begraafplaats met het mooiste witte marmer dat je ooit gezien hebt.
Ugur laat ons niet alleen de marmer groeven zien maar rijdt ons ook het eiland rond…dat door hem wordt aangeduid als “open gevangenis” want in de zomer leuk maar ’s winters koud, winderig, uitgestorven en slechte verbindingen…het is moeilijk voor te stellen. Het eten is hier overal geweldig met alle verse vis!
En dan zijn we toe aan het volgende nautische orgasme: varen door de Hellespont. Misschien iets minder bekend dan de Bosporus maar niet minder strategisch en Historisch beladen. Dat merken we als we in Canakkale aankomen. Een grote plaats op het smalste stuk van de Dardanellen waar bijna alles in het teken staat van Troje (hier vlakbij) en misschien nog wel meer van de Gallipoli veldslagen uit de eerste wereldoorlog. Bij ons amper bekend, maar hier verloren een half miljoen mensen in zeer korte tijd hun leven in 1 van de meest bloedige slagen uit de Eerste wereldoorlog. Voor de liefhebber: kijk “The Water Diviner”, mooie film met Russel Crowe.
De man die in deze oorlog zijn naam als held vestigde is Mustafa Kemal, beter bekend als Ataturk. “Ik beveel jullie niet om aan te vallen, maar om te sterven” zou hij zijn troepen hebben toegeroepen. De absolute verering van deze man is nog steeds enorm in Turkije en neemt hier in Canakkale bijna een Goddelijke vorm aan. Hij is de stichter en vormer van het moderne Turkije. Hij is “Vader van alle Turken”…alhoewel sommigen inmiddels denken dat ze net zo groot zijn…

In dat kader is het bijzonder om te zien hoeveel aandacht er vandaag gegeven wordt aan de herdenking van de “grote overwinning van het volk” in de “15 juli coup” van een jaar geleden. De posters en andere beeltenissen hebben een bijna totalitaire communistische uitstraling…
We blijven hier een aantal dagen om de boeiende omgeving te verkennen met een huurauto.
Daarover en het aansnijden van de Egeïsche Zee volgende week meer.
Cheers André

Met busladingen tegelijk worden ze in de zeer fraaie Byzantijnse straatjes van deze eeuwenoude schiereilandjes losgelaten om besprongen te worden door de uitbaters van de uitspanningen…elke dag weer een niet aflatende diarree van gezinnen waarbij ik altijd moeite heb iemand te ontdekken die het echt naar zijn zin heeft en lacht.
teveel lijn in zit. Dat geldt voor veel bouwprojecten hier. Je krijgt het idee dat ze er ooit mee begonnen zijn maar onderweg de tekening (of het geld) zijn kwijtgeraakt. We komen hier nog wel een paar ervaren zeilers tegen die het gebied goed kennen. Ook hiervan krijgen we, tot nu toe in tegenstelling tot onze eigen ervaringen, de waarschuwing: “watch the weather, It’s not called the Black Sea for nothing”. De laatste keer dat ik “local knowledge” negeerde hebben we dat bezuurd…dus we zijn voorzichtig met de weerberichten.



Die alsnog Hongarije bezette en de ArrowCross aan de macht bracht. Wat er toen in een paar maanden is aangericht is onbeschrijfelijk en daar ga ik dus geen poging toe doen. 1 verhaal blijft me wel heel erg bij. Naast de reguliere deportaties had de ArrowCross als dagelijkse praktijk om willekeurig een paar honderd Joden in de Getto van Budapest van straat te halen door de sneeuw naar de Donau te marcheren en dan dood te schieten in de Donau…en er met opzet een paar in leven te laten…die dus weer teruggingen…een meisje van 10 overleefde deze tocht 2x…
Ook Nederland was niet te onderscheiden…alhoewel we wel dit café tegenkwamen…niet het beste café maar om dit er nou op te zetten…
De haven lijkt zo’n beetje verlaten, maar als we liggen blijkt er toch iemand boven bij het restaurant te staan. Hij spreekt alleen Hongaars (dat hoop ik voor hem) en wenkt mij mee te lopen naar 1 van de appartement gebouwen. Daar zit achter in een donker hok een jongedame waarvan direct al het bloed mijn hoofd verlaat om elders een goede functie te vervullen. Zij is verveeld en duidelijk minder onder de indruk van mij…tot ik vertel dat die van mij 18 meter is.
Op hun rubberboot die op dak ligt staat dat ze van Au (in Oostenrijk) naar Sulina (de laatste plaats aan de Donau en Zwarte Zee bij km 0) op weg zijn. Belinda vraagt zich af of ze ook een douche aan boord hebben… Ze spreken alleen Duits, hebben het bootje zelf helemaal opgeknapt en ingetimmerd en lijken het prima naar hun zin te hebben. Geweldig!
