We zijn weer op ZEE!! Na ruim 2 maanden rivieren is dat wel heeeel errug lekker. Vraag me niet waarom want het is een grote plas zout water…erg saai…maar de kust en de zee hebben een eigen sfeer, geur, geluid en vooral ruimte. De eerste kennismaking met de Zwarte Zee was deze week in Sulina. Vanuit de haven zijn we naar het strand gegaan om de Zwarte Zee, voor ons beide voor het eerst, te zien, voelen en ruiken.
De Donaudelta kent mooie stranden en lagunes omdat de Donau enorme hoeveelheden Europa naar de Zwarte Zee transporteert. Aan de rand van Sulina staat een vuurtoren die in 1870 nog aan zee stond…nu 2km in het binnenland. 1 Kilometer verder staat er 1 van 50 jaar later die inmiddels ook niet meer te gebruiken is en de nieuwste staat nu op het uiteinde van de 2 pieren die de Donau naar zee begeleiden.
Je kan hier dus letterlijk Europa zien aangroeien. Dat maakt de rit naar buiten wat avontuurlijker omdat er nogal wat schuivende zandbanken zijn. Zelfs op deze rustige ochtend is het voor de monding nog een behoorlijk rommelige toestand. We volgen het lokale advies om ca. 5 mijl rechtuit naar buiten te varen trouw op om niet op een onbekende bank te stuit(er)en.
Mr.Bean2 schommelt weer. Wel ff wennen, de boot is behoorlijk Zeeonwaardig geworden met alle losse spullen…de eerste paar brekers zorgen voor nogal wat tumult van schuivende en rollende zaken door de boot.
Vorige week waren we net aan de Delta begonnen in Tulcea. Hier verzamelen de meeste toeristen zich die de Delta in willen trekken. Verder een typisch Oostblok stadje met als overheersende architectuurstijlen: Nooit-afgemaakt, Vol-met-betonrot, Waar-is-het-dak en Niet-langslopen-als-je-geen-balkon-op-je-knar-wilt-krijgen.
Na onze speedboot avonturen in de Delta was het plan om zo’n beetje halverwege de Delta te varen over de zogenaamde Sulina-arm. Daar Mr.Bean2 ergens vast te knopen en dan met Teddy nog wat eigen expedities te doen. Daar hadden we zelfs een vergunning voor gekocht. Lang verhaal kort konden we halverwege helemaal niets vinden om een beetje verantwoord aan vast te knopen. Uiteindelijk, mede op dringend advies van Belinda doorgevaren naar Sulina aan de Zwart Zee. Dat is dus km-paal 0 van een reis op de Donau die in Kelheim, waar wij erop kwamen, op 2411 begon. Met recht dus niet alleen een km-paal maar ook een mijlpaal!
Sulina is een bijzonder stadje. Het was Pinksterweekend en nog steeds schitterend weer dus veel Roemeense toeristen. Die komen allemaal met de boot uit Tulcea want er zijn geen wegen naar Sulina. Je ziet er amper auto’s. Het ligt midden in de Delta, dus ook hier veel mensen met kleine bootjes die tochten aanbieden.
We hadden van Roemenen gehoord dat we in ieder geval naar Letea moesten gaan. Dat is het meest Noordelijke subtropische bos ter wereld dat voor een groot deel in duinen ligt midden in het land (door die aangroei van het land). Naast alle bijzondere vegetatie is het beroemd om de wilde paarden.
Wij dus een tochtje geboekt bij zo’n klein bootje. De eerste 1,5 uur alleen maar kanaaltjes door het riet…best mooi…maar daar hadden we inmiddels al wel heel veel van gezien. Toen kwamen we bij een nederzetting waar toeristen in laadbakken werden geladen voor de ultieme safari-ervaring. In onze VW-LT uit, ik schat, 1814 werden 23 mensen geladen terwijl er hooguit 18 in konden. Belinda kwam wat later in de wagen en moest enige toeristen corrigerend toespreken om een plekje te bemachtigen…ik voelde met ze mee. Onze chauffeur/gids bleek vloeiend Roemeens te spreken. Hij kon er dus weinig aan doen dat wij daar niet veel van begrepen. Na een half uur in een laadbak over een onverharde weg met Billie en Bessie Turf naast ons werden we uitgeladen en gingen we door dat bos lopen met wederom uitstekende Roemeense toelichting. Het enige bijzondere dat we konden ontdekken waren de duinen in het bos…voor de rest had het ook de Veluwe kunnen zijn. Een Roemeense mede-toerist probeerde nog wat zaken voor ons te vertalen, erg vriendelijk.
Op de terugweg werd het pas echt interessant. Toen stuiten we op een grote groep wilde paarden met veulentjes. Waarom zien beesten er in het wild altijd zoveel mooier uit dan in opgesloten/getemde toestand? Of is dat mijn verbeelding?
Na dit hoogtepunt volgde de lunch…waar we ons niet zoveel meer van hadden voorgesteld…maar ook dat viel heel erg mee met traditionele Donau visjes. Lekkah! En zelfs de terugweg met het bootje werd nog mooi door een omweg over 1 van de lagunes. Bijzondere omgeving met natuurlijk de hier niet te vermijden, maar o zo leuke Pelikanen.
De volgende dag hebben René en ik het originele plan voor een eigen expeditie met Teddy in de Delta nieuw leven ingeblazen. Gewapend met een 500mm telelens zat David Attenborough jr. voorin de rubberboot. Onderweg door 1 van de kanaaltjes kwam ons een klein bootje voorbij. Wij erachteraan (hij zal de weg wel weten) op snelheid. Met René voorin kwam Teddy nogal in een kadans van op en neer gaan…kan ook iets met zijn hobby te maken hebben… Even verder was de man voor ons gestopt en wenkte ons om ook te stoppen. Hij wilde ons uitleggen hoe we die kadans konden opheffen…alweer erg vriendelijk. Hij wist ons ook prima tips te geven over de route door dit deel van de Delta en waar we wat konden zien. Het werd een mooie tocht.
Die avond gingen we met een Roemeens gezin dat we ontmoet hadden op de boulevard naar het kerkhof van Sulina. Dat is vrij beroemd omdat er Joden, Orthodoxen, Katholieken etc. door elkaar liggen. Nog beroemder is het verhaal van de Griekse piraat die er begraven ligt. Hij maakte de Zwarte Zee rond de Delta onveilig tot hij in 1871 door de Russen werd doodgeschoten en wordt gezien als de laatste piraat van Europa. Het is in ieder geval het enige graf ter wereld dat als Piraat geregistreerd staat.
De hele begraafplaats is fantastisch. Je zou er zo een spaghetti-western kunnen opnemen. Compleet met ouderwetse lijkkoets en zwarte raven op het kapelletje. Mooie verhalen op de oude stenen, veelal zeelui die door schipbreuk zijn omgekomen. De absolute afwezigheid van marketing en commercie in dit land wordt hier heel duidelijk. In Amerika zou een dorp met het graf van de enige piraat al merchandise stalletjes kilometers buiten het dorp hebben compleet met piraten-tours, originele piraten houten benen etc. Hier is er niet eens een verwijzing naar het graf. We hebben letterlijk met 6 mensen meer dan een half uur gezocht voordat we de steen gevonden hadden…dat maakt het ook wel heel mooi…want nog niet vertrapt onder de toeristen…
Natuurlijk moest er met enig ceremonieel eer betuigt worden aan deze laatste vrije jongen van Europa.
De volgende dag dus vroeg uit de veren en het zeegat uit. Heerlijk! Een vrij lang stuk naar Constanta, de grootste havenstad van Roemenië. Prachtig weer, heerlijk in het zonnetje terwijl we continue de Dolfijnen rond de boot zagen opduiken. In Constanta komen we voor het eerst dit jaar weer in een echte zeehaven. Op sommige plekken een heel mooie stad…maar helaas ook veel van de gebruikelijke architectuurstijlen.
Hier gaat René ons weer verlaten. Hij neemt de trein naar Boekarest en vliegt dan weer naar huis. Daarover, over Constanta en het vervolg langs de Bulgaarse kust volgende week meer.
Cheers, André



Die alsnog Hongarije bezette en de ArrowCross aan de macht bracht. Wat er toen in een paar maanden is aangericht is onbeschrijfelijk en daar ga ik dus geen poging toe doen. 1 verhaal blijft me wel heel erg bij. Naast de reguliere deportaties had de ArrowCross als dagelijkse praktijk om willekeurig een paar honderd Joden in de Getto van Budapest van straat te halen door de sneeuw naar de Donau te marcheren en dan dood te schieten in de Donau…en er met opzet een paar in leven te laten…die dus weer teruggingen…een meisje van 10 overleefde deze tocht 2x…
Ook Nederland was niet te onderscheiden…alhoewel we wel dit café tegenkwamen…niet het beste café maar om dit er nou op te zetten…
De haven lijkt zo’n beetje verlaten, maar als we liggen blijkt er toch iemand boven bij het restaurant te staan. Hij spreekt alleen Hongaars (dat hoop ik voor hem) en wenkt mij mee te lopen naar 1 van de appartement gebouwen. Daar zit achter in een donker hok een jongedame waarvan direct al het bloed mijn hoofd verlaat om elders een goede functie te vervullen. Zij is verveeld en duidelijk minder onder de indruk van mij…tot ik vertel dat die van mij 18 meter is.
Op hun rubberboot die op dak ligt staat dat ze van Au (in Oostenrijk) naar Sulina (de laatste plaats aan de Donau en Zwarte Zee bij km 0) op weg zijn. Belinda vraagt zich af of ze ook een douche aan boord hebben… Ze spreken alleen Duits, hebben het bootje zelf helemaal opgeknapt en ingetimmerd en lijken het prima naar hun zin te hebben. Geweldig!

Pas in 1993 is het huidige MDK geopend: 170km lang, 16 sluizen waarvan diverse met een hoogte van 25 meter!, tig aquaducten. Op het hoogste punt staat een betonnen muur als indicatie van de Europese waterscheiding. Water dat op de foto rechts van de muur valt gaat naar de Noordzee, links naar de Zwarte Zee. Je bent dan op een hoogte van 406 meter. Het hoogste punt dat je met een boot vanaf zee kan bereiken in de wereld.


Daar zijn achter een langgerekt eiland een aantal Yacht Clubs…als er 2 planken en een bolder drijven noemen ze het hier een Yacht Club… De eerste club nam niet op, de tweede wel, 18m en 1,80 diepgang was Kein Problem. De doorgang door een oud sluisje beloofde al niet veel goeds…en dat klopte ook. Net na deze foto door het sluisje raakten we iets hards (geen modder of zand). De boot kwam een paar centimeter omhoog maar voer daarna wel verder. Das ff schrikken. Op de dieptemeter was niets te zien die gaf ca. 2,30m aan. Doorvarend naar de 2e club werd het snel ondieper en liepen we nog voor de uitspanning van Herr Kein Problem vast in de modder. De dieptemeter bevestigde dit met 1,70m. Gelukkig zag de eerste Club er een stuk beter uit en hadden we inmiddels vastgesteld dat daar genoeg water stond. John, een gepensioneerde Amerikaanse piloot is “the President” van deze 2 steigertjes. Interessante en behulpzame man. Uiteindelijk aangelegd bij hem en gekeken of we schade hadden. Dat konden we gelukkig niet ontdekken. John had geen idee wat we geraakt konden hebben want er stond volgens hem meer dan 2m water in die ingang.

Toen ik daar binnen kwam zag ik meteen een grote fenderbal in de hoek liggen. Helaas niet zwart (zoals onze andere ballen) en met een bizar lang en dik fluorescerend geel/groen touw eraan. Het bleek dat deze fender een rekwisiet op de stand van Louis Vuitton was geweest bij de America’s Cup. Ze hadden verder niks anders in deze maat, maar deze mocht ik meenemen voor een paar tientjes. En zo sluizen we dus volledig fashionable verder…alhoewel ik me afvraag of de stoere Hongaren op de duwbakken wel inzien naast welk fashion statement ze eigenlijk liggen…
Hier ook een emotioneel moment. We nemen afscheid van Lau. Hij gaat met de trein weer naar huis. We hebben een fantastische tijd met hem gehad en niet te vergeten heeft hij ons behoed voor een voortijdige staking van de reis door die Polizei. We missen nu al alle weetjes onderweg en vooral het voorlezen van alle artikelen uit de Bild-Zeitung. Lau, heel erg bedankt!!
Vrijdagochtend 24 maart lopen we alles thuis voor de laatste keer na, de Riva en Alfa lekker onder hun dekentjes, alles in en om het huis klaar voor de verhuur die al snel start. Uur of negen trossen los. Wel netjes op de paal hangen want het kan wel een paar jaar duren voordat Mr.Bean2 die weer nodig heeft. Als we voorbij Urk varen krijgen we een appje met foto van de boot van buurman Johannus die daar werkt. Hij zag ons (in de verte) voorbij varen.