La douce France

We zijn net in Italië en dat voelt weer als een warm bad. Het moet echter gezegd worden dat we, tegen mijn verwachting in, een mooie tijd in La douce France achter de rug hebben.

Dat werd onder meer veroorzaakt door onze eerste haven in Frankrijk: Marseille. Wat een heerlijke stad. Vanaf zee is het al imposant met de eilanden en de forten ervoor. Het invaren van de oude haven haalde bijna mijn uiterst korte lijstje van nautische orgasmes (Istanbul en Venetië, zie Nautical Orgasm en Nautical orgasm, another one!). De stad zelf is mooi, boeiend, historisch, vies en vooral rauw. Heerlijk om toeristen op een zebrapad weer gewoon van hun sokken gereden te zien worden, om de hele dag sirenes te horen vooral uit gecamoufleerde burgerauto’s, om echte kroegen te zien met echte mensen, om niet alleen maar geregisseerde graffiti te zien, om alle trucs van bedelaars en zwervers voorbij te zien komen…

Het voelde bijna als een soort van bevrijding en dat zegt veel over hoe wij Spanje hebben ervaren. Aan de positieve kant:

  • Hoogtepunt was onze roadtrip door Andalusië. Wat een mooi land en mooie steden. Absoluut hoogtepunt was de Mesquita van Cordoba maar ook steden als Ubeda, Sevilla, Cadiz en Granada hebben veel indruk gemaakt. De historie is uniek door de Arabische overheersing en daaropvolgende Reconquista.
  • De Balearen zijn een mooi vaargebied. Wij zijn vooral gevallen voor Ibiza maar ook Mallorca en Menorca zijn erg mooi.
  • De horeca is erg goedkoop. Een wijntje en een biertje is meestal niet meer dan 5 euro.

Aan de negatieve kant:

  • De kust van het vasteland is gemiddeld een saai vaargebied. Uitzonderingen zijn de kust tussen Benidorm en Denia en het schiereiland bij Rosas.
  • Grote delen van de kust zijn overgenomen door buitenlanders. De sfeer heeft niets meer met Spanje te maken.
  • De combinatie van weinig mooie ankerplaatsen, marina’s die geen enkele interesse tonen in passanten en vaak idiote prijzen, maakt het een onprettig vaarland.
  • Het is overgeorganiseerd en iedereen houdt zich aan de regels. Als je Italië (of Griekenland of de meeste andere Mediterrane landen) gewend bent, is dat behoorlijk wennen. Het eerste merk je dat aan het verkeer. Iedereen rijdt als mijn oma (en die is dood).
  • Het eten…ook hier weer: als je Italië gewend bent… Overal tapas en dat is vaak vette, vrij smakeloze troep.

Het was dus lekker om in een totaal ongeorganiseerde en rauwe stad als Marseille te landen.

In Marseille wil je natuurlijk in de Vieux Port liggen, midden in het centrum. Dat is een enorme haven vol met kleine bootjes. In Frankrijk heeft bijna iedereen een visbootje en die moet je ergens laten. Ik had dus de 2 verenigingen in de haven gebeld voor een plaats…maar voor “uw maat boot” was er niets beschikbaar. Gelukkig belde de SNM later terug dat ze toch iets konden regelen. “Roep ons op kanaal 9 als u aankomt en we wijzen u een plek”. Dat deden we dus en geheel volgens verwachting geen antwoord. Dan maar bellen…ook geen antwoord. De enige plek die ik zelf kon zien waar we enigszins pasten was langszij het drijvende restaurant van de SNM. Dat betekende wel dat we Mr.Bean2 achteruit door het smalle vaartje vol met mooring lines moesten manoeuvreren.

Er begonnen wat mensen op de bootjes langs deze vaart wat paniekerig te roepen dat we daar niet in konden. Die heb ik in mijn beste Frans uitgelegd dat het “pas de problem” was. Eenmaal aangelegd probeer ik iemand van de haven te vinden. Mijn Frans blijkt zo goed dat de man in het restaurant denkt dat ik een reservering in het restaurant heb…maar heeft helemaal geen Mr.Bean op zijn lijstje staan… Na alle spraakverwarring vindt iedereen het prima en liggen we hier op een briljant plekje uiteindelijk 5 dagen.

Het oude centrum is volledig rond de Vieux Port gesitueerd. Aan de noordkant is de wijk Le Panier erg leuk om wat doorheen te verdwalen. Als je van daar naar de zee loopt kom je in een wat nieuwer ontwikkeld havengebied terecht met diverse musea rond het oude fort. De beide forten rond de haveningang zijn door Louis XIV gebouwd. Deels om de haven te verdedigen tegen van buiten komend onheil maar vooral om het altijd opstandige Marseille, dat geen belasting wilde betalen, onder de duim te houden…de kanonnen waren op de stad gericht…niet op zee…

Je moet in Marseille niet te ver naar het noorden gaan want dan kom je in de wijken waar ook de politie niet meer komt…The French connection lijkt nog steeds aanwezig.

Ten oosten van de haven is een winkel gebied. Wat verder naar achteren kom je in de wijk rond Cours Julien een erg leuke arti-farti wijk met veel kroegen en restaurantjes. Noem een land en je vindt een bijbehorend restaurant hier.

Een bijzonder museum dat we bezocht hebben is het Cosquer. Dit is de naam van een duiker die in de jaren 80 een grot heeft ontdekt waarvan de ingang 35m diep aan de Calanque kust hier om de hoek ligt. De grot zelf is immens groot en deels boven water en bevat veel overblijfselen en tekeningen uit de prehistorie.

De grot kan je niet bezoeken maar is nagebouwd in dit museum. Het houdt het midden tussen een museum en een Disney attractie maar is erg boeiend. Hoogtepunt is een soort van treintje dat je door de hele grot vervoerd met uitleg over alles wat je ziet…daarvan mag je helaas geen foto’s nemen.

Een andere boeiend museum gaat over de bewogen historie van Marseille en staat aan wat in de Griekse tijd de natuurlijke haven was.

Op de elektrobrommerts maken we nog een ritje langs de kust en terug door de stad waar we de overal dominant aanwezige Basilique Notre Dame de la Garde bezoeken.

Dan wordt het tijd te vertrekken. In eerste instantie plannen we naar een Calanque (inham in de rotskust) genaamd Port Miou te gaan. Daar blijkt echter dat de maximale lengte van 17 meter ook echt het absolute maximum is. Dan maar door naar La Ciotat een erg leuk dorpje met een enorme Superjacht refit industrie. We leggen aan naast een stukje Nederlandse nautische historie: een De Vries Lentsch motorjacht uit 1932 om de volgende ochtend op de markt wakker te worden.

We vatten hier het ambitieuze plan op om met de elektrobrommerts naar Cassis te gaan. Dat betekent over een hoge kaap en vice versa. Het zal de grenzen van ons elektrische laadvermogen op de proef stellen. Echter reden we de eerste poging verkeerd…en daar kwamen we pas achter toen we al helemaal boven waren…en een substantieel deel van de capaciteit verspeeld hadden. Lang verhaal kort hebben we deze poging halverwege de juiste weg maar afgebroken omdat de bodem van de elektronen tank in zicht begon te komen. Wel wat schitterende uitzichten mee kunnen pakken…en niet alleen op Belinda die een appeltje schilt.

We ankeren op Iles de Porquerolles naast het haventje in een schitterende omgeving. Het eiland heeft een echte eilandsfeer, erg leuk.

Als verrassing voor Belinda’s verjaardag heb ik bedacht dat we in Saint Tropez in de oude haven gaan afmeren. De haven daar bestaat uit een vrij grote moderne marina net buiten het oude dorp en het beroemde Vieux bassin, de havenkom in het centrum met alle superjachten die iedereen kent die wel eens in StTrop geweest is.

In mijn beste Frans was ik al een weekje bezig de havenmeester te vermurwen om ons niet in die saaie marina maar gezellig met de bips tegen de oude kaai te leggen. Heel netjes legde hij uit dat dat “voor onze maat boot” (lees: zo’n klein prutsding) niet de bedoeling was. Na wat smeekbeden en het benoemen van de verjaardagverrassing ging hij overstag waarbij ik nog naïef dacht dat beide bassins dezelfde prijs hadden…

Bij de intocht in dit paradijs van zelfverheerlijking vonden we het vreemd dat er wat duikers in de weg lagen…maar verder geen aandacht aan besteed. Gelukkig ging het afmeren onder grote belangstelling vlekkeloos.

Onze buurman is een splinternieuwe Azimuth 66, niet veel groter dan Mr.Bean2 (wij zijn 62 voet), maar wel met 3 man bemanning. Verder ligt er alleen maar veel groter spul.

We liggen fantastisch met de bips tegenover het beroemdste bar/restaurant; Senequier. Ondanks de nu al idiote drukte met toeristen en de poenerigheid die veel mensen willen etaleren, is Saint Tropez een heel fraai dorpje.

De mooiste boot in de haven is ook de kleinste. “Onze” Riva Superflorida.

De grote dissonant in al dit moois is onze buurman. Die hebben een technisch probleem waardoor ze niet aan de walstroom kunnen…en omdat de verveelde dames wel de airco aan willen, draait dag en nacht de generator met bijbehorende herrie en vooral dieselwalm. Mijn verzoek om dit uit te zetten bij zowel de kapitein als de eigenaar haalt niets uit. Uiteindelijk roep ik ’s avonds de haven op om er iets aan te doen. Ondanks dat die direct bij hun boot staan,haalt dat ook niets uit.

Toen we ons ’s morgens gemeld hadden in de Capitainerie kregen we een kleine schok. Het sowieso al erg dure marina tarief van 192 euro/nacht bleek niet te gelden voor het Vieux bassin…dat was 592 euro…Pardon! Maar natuurlijk probeer je een zo strak mogelijk gezicht te houden en de onderlip niet teveel te laten trillen. De vraag “zullen we nog een nachtje extra doen?” was hiermee wel beantwoord.

’s Avonds een geweldig verjaardagsetentje bij Pearl Beach.

Die idiote prijs voor de haven bleek mede veroorzaakt door de aanwezigheid van 2 duikers die permanent de mooring lines van de enorme jachten aan het opduiken zijn. Daar kwam ik achter toen ik in een klein theaterstukje compensatie eiste voor geleden emotionele schade door de generator van de buurman waar de haven niets aan had gedaan. Uiteindelijk hoefde ik de haven niet te betalen (192) maar wel de duikers (400).

Na 1000 excuses en handdrukken van haven directeur Toni verlieten we StTrop om te gaan ankeren bij de Iles de lerins. Dat zijn de 2 eilanden direct onder Cannes, erg fraai. We landen met Teddy op Iles Saint Honorat. Hier is nog een actief klooster met als belangrijkste activiteit: wijnbouw!

Omdat de Mistral weer eens een oprisping heeft en er behoorlijk wat swell aankomt gaan we ankeren bij Cap Ferrat één van de weinige baaien met wat zuid protectie. Het valt op dat het in deze chique buurt helemaal vol ligt met geankerde superjachten…die hun cocktails ook niet willen morsen. Ook hier gaan we natuurlijk even met Teddy buurten bij de rich and famous.

Laatste stop in Frankrijk is Menton. Als je er zonder informatie werd neergezet zou je denken in Italië te zijn. Niet zo vreemd want het is heel lang Italiaans geweest en ligt zo’n beetje op de grens. Het is daarmee wel schitterend.

Vanaf hier gaan we het beloofde land weer in, om te beginnen naar Imperia.

Daarover en de avonturen met diverse bezoekers de volgende keer meer.

Cheers, André

4 antwoorden op “La douce France”

  1. Goedemiddag
    Ik vind dat jullie hele mooie reizen maken maar waar ik benieuwd naar ben zijn jullie zelf van uit Nederland vertrokken en naar het middellandse zee gebied gevaren?
    Of is de boot daar gekocht?
    Met vriendelijke groet,
    Peter de vries

    1. Een beetje door het archief bladeren en je komt vanzelf onze reis over Rijn en Donau naar de Zwarte zee tegen. Waarom deze vraag?

  2. Jullie hebben weer een mooie trip gedaan, jammer idd dat die Franse badplaatsen zo associaal duur zijn met alles, geniet er van, ge Herman

Reacties zijn gesloten.